Minister Wiebes beantwoordt vragen over het bijstoken van biomassa in kolencentrales.

De Voorzitter van de Tweede Kamer
der Staten-Generaal
Binnenhof 4
2513 AA DEN HAAG

Datum 21 mei 2019

Betreft Beantwoording vragen over de (bij)stook van biomassa in centrales

Geachte Voorzitter,

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van de leden Wassenberg en
Van Raan (beiden PvdD) naar aanleiding van de uitzending van Nieuwsuur op
4 april jl. (ingezonden 11 april 2019, kenmerk 2019Z07483).

Eric Wiebes
Minister van Economische Zaken en Klimaat

1
Heeft u de aflevering van Nieuwsuur gezien over het bijstoken van
(houtige)biomassa in kolencentrales?

Antwoord
Ja.

2
Onderschrijft u dat het (bij)stoken van biomassa in centrales de meest
klimaatvervuilende energie per kilowattuur (kWh, elektriciteit) en gigajoule (GJ,
th) oplevert? Zo nee, waarom niet?

Antwoord
Over de duurzaamheid van biomassa in allerlei vormen en voor allerlei
toepassingen, zijn vele opvattingen in omloop. Het kabinet baseert zich op de
onderzoeken door aangewezen onafhankelijke deskundige organisaties op
nationaal (PBL) en internationaal (EU, VN) niveau.
Op basis daarvan wordt biomassa, mits passend in de strikte criteria, beschouwd
als duurzaam, omdat de CO2-emissie bij verbranding evenveel is, als de vegetatie
bij groei heeft opgenomen uit de lucht

3
Onderschrijft u dat de CO2-uitstoot door biomassa-bijstook in kolencentrales per
kWh 2,3 maal zoveel is als bij gasstook en dat de uitstoot zelfs 3 keer zoveel is
wanneer biomassa wordt verstookt in kleinere biomassa- centrales? Kunt u
aangeven welk aandeel afkomstig is van de productie, het transport en de
verwerking van biomassa? Zo nee, waarom niet?

Antwoord
Het is een feit dat bij verbranding – ook van biomassa – CO2 vrij komt. Echter,
zoals aangegeven in reactie op vraag 2 wordt het (bij)stoken van biomassa op
basis van internationale afspraken als CO2-neutraal gezien.
Ik kan geen exacte uitsplitsing geven van de CO2-uitstoot die samenhangt met de
productie, het transport en de verwerking van biomassa. In dit kader is het
belangrijk te benadrukken dat, om te voldoen aan de duurzaamheidscriteria uit de
Regeling conformiteitsbeoordeling vaste biomassa voor energietoepassingen
(hierna: duurzaamheidscriteria), de inzet van biomassa over de gehele keten
bezien tot minimaal 70% minder CO2-uitstoot moet leiden dan het gebruik van
fossiele brandstoffen. Daarmee is geborgd dat met de inzet van biomassa CO2-
winst bereikt wordt.

4
Onderschrijft u dat de classificatie van het stoken van biomassa als CO2-neutraal
slechts een papieren werkelijkheid is, alleen al omdat het transport en de
verwerking van biomassa CO2-uitstoot veroorzaakt? Zo nee, waarom niet?

Antwoord
Nee, ik onderschrijf dit niet. Conform internationale afspraken wordt het
(bij)stoken van biomassa als CO2-neutraal gezien. Daarnaast zorgen de duurzaamheidscriteria er voor dat de gehele keten in ogenschouw genomen wordt.

5
Kunt u bevestigen dat de inzet van biomassa vanaf 2016 tot 2020 mogelijk 17
maal zoveel wordt? Zo ja, is daarmee de conclusie gerechtvaardigd dat er in 2020
mogelijk 10 á 12 MT meer CO2 de lucht in gaat dan wat nu op papier geschetst
wordt? Zo nee, waarom niet?

Antwoord
Volgens de meest recente gegevens in de Nationale Energieverkenning (NEV)
2017 zal de totale hoeveelheid energieproductie door middel van inzet van
biomassa stijgen van 78,5 PJ in 2016 naar 148,9 PJ in 2020. De conclusie dat dit
mogelijk leidt tot 10 á 12 MT meer CO2 in de lucht, deel ik niet, omdat de CO2-
uitstoot gecompenseerd door de aanplant van nieuwe vegetatie waarmee een
even grote hoeveelheid CO2 uit de lucht wordt gehaald.

6
Deelt u de mening dat een vrijstelling voor de CO2-heffing een onterechte
beloning zou zijn voor biomassa (bij)stook en zo kan werken als een perverse
prikkel? Zo ja, bent u bereid de CO2-heffing ook voor biomassa (bij)stook te laten
gelden? Zo nee, waarom niet?

Antwoord
Ik deel deze mening niet. Biomassa is een vorm van hernieuwbare energie, zoals
ik ook in mijn bovenstaande antwoorden heb toegelicht. Omdat de bij- en
meestook van biomassa netto niet tot CO2-uitstoot leidt, is er ook geen CO2-
uitstoot waarvoor de CO2-heffing zou moeten gelden.

7
Kunt u een overzicht geven van de (te verwachten) groei van de inzet van
biomassa en biobrandstoffen in de energiemix van 2016 (start van omvangrijke
bijstook), 2020 (CO2-doelstelling Urgenda Klimaatzaak) en 2023 (EU-doelstelling
hernieuwbare energie), aangevuld met een berekening van de daadwerkelijke
emissies verbonden aan dat gebruik? Zo nee, waarom niet?

Antwoord
De NEV 2017 geeft realisaties en projecties voor het bruto eindverbruik
hernieuwbare energie (vastgesteld en voorgenomen beleid). Hieronder is in een
tabel opgenomen wat de NEV 2017 aangeeft over biomassa en biobrandstoffen.
Zoals gezegd geldt de inzet van biomassa conform internationale afspraken als
CO2-neutraal.

8
Onderschrijft u de dreiging en de grote impact van het bereiken van de
zogenaamde omslagpunten (‘tippingpoints’), zoals aan de orde bij het smelten van
landijs en de methaanuitstoot uit permafrost, mogelijk al op een termijn van 15
tot 30 jaar? Zo nee, waarom niet?
9
Heeft de CO2-uitstoot van een steeds omvangrijkere inzet van biomassa en
biobrandstoffen een versnellend effect op de nadering van dergelijke
omslagpunten? Zo nee, waarom niet?

Antwoord 8 en 9
Onafhankelijk van de inzet van biomassa is het beleid van de regering er op
gericht dat de temperatuurstijging, conform het Klimaatakkoord van Parijs, ruim
onder de 2 graden Celsius blijft ten opzichte van de pre-industriële tijd. Door onze
inzet nationaal en internationaal moet voorkomen worden dat de zogenaamde
omslagpunten worden bereikt.

10
Onderschrijft u de opvatting van vele deskundigen (onder andere Tropenbos Int.)
dat het gemiddeld 60 tot 100 jaar duurt voor de CO2-uitstoot van houtstook weer
in bossen is vastgelegd (los van de bijkomende CO2-uitstoot van het transport,
het vrijkomen van CO2 uit de achterblijvende wortels, de luchtverontreiniging, het
verlies aan biodiversiteit etcetera)? Zo nee, waarom niet?

Antwoord
Het klopt dat er tijd overheen gaat om de uitstoot die vrijkomt bij het stoken van
biomassa weer op te nemen in nieuwe bomen. In de duurzaamheidscriteria is
vastgelegd dat de aangroei en het behoud van het bos waaruit (vaste) biomassa
wordt verkregen groter is dan het verlies aan koolstof. Op die manier treedt geen
netto schuld op maar wordt daadwerkelijk een vermindering van de CO2-uitstoot
bereikt.

11
Erkent u dat alleen wanneer een korte termijn wordt genomen en alle bijkomstige
CO2-uitstoot zoals opgesomd in vraag tien, het bijstoken van (houtige) biomassa
energieneutraal kan worden genoemd? Zo nee, waarom niet?
Antwoord
Zoals aangegeven in bovenstaande antwoorden wordt het (bij)stoken van
biomassa in internationaal kader als CO2-neutraal beschouwd en hanteert
Nederland hiervoor bovendien zeer strikte duurzaamheidscriteria.

12
Past de omvangrijke inzet van biomassa -en biobrandstoffen volgens u nog in een
efficiënte aanpak van het urgente klimaatprobleem? Zo ja, waar baseert u zich
op? Zo nee, welke maatregelen volgen hier uit voort?

Antwoord
Het kabinet is ervan overtuigd dat de inzet van biomassa nu en richting 2030 en
2050 noodzakelijk is voor de verduurzaming van onze economie en het realiseren
van de klimaatopgave. Uit verschillende PBL-studies blijkt ook dat de inzet van
biomassa past in een kostenefficiënte transitie.1 Uitgangspunt van het kabinet is
dat alleen duurzame biomassa werkelijk bijdraagt aan verduurzaming van de
economie en dat duurzame biomassa op mondiaal niveau op termijn schaars zal
zijn. Daarom is op termijn een zo hoogwaardig mogelijke inzet van biomassa
nodig.

1 Oa. PBL, ‘Nationale kosten energietransitie in 2030’, april 2017 en PBL, ‘Verkenning van klimaatdoelen: van lange termijn beelden naar korte termijn acties’, oktober 2017

Klik HIER voor het originele document

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *